Vliegvissen met Léon Godijk: Introductie

Beste vissers,

Ik zal mij eerste even aan u voorstellen. Mijn naam is Léon Godijk, 50 jaar en al 31 jaar verslingerd aan het vliegvissen. Een vriend bracht mij in contact met het vliegvissen waarbij hij mij ook liet zien hoe hij zijn vliegen maakte. Ik vond dat zo leuk dat ik eerst ben gaan vliegbinden voordat ik een hengel aanschafte en mijzelf leerde vliegvissen. Jaren later kreeg ik zelf les en bracht mijzelf naar een hoger niveau. De afgelopen jaren ben ik op diverse rivieren in binnen- en buitenland geweest en heb met de vlieg gevist op voorn, karper, snoek, forel, zeebaars en ga zo maar door. Het leuke aan vliegvissen vind ik dat je heel mobiel bent, je aaspresentatie het meest natuurlijke is en je op plekken kunt komen die anders niet te bevissen zijn. Een handig hulpmiddel is de Belly boat, zeker voor de diepere stukken of als de vis ver van de kant te vinden is. Sinds 10 jaar geef ik vliegvisles op Forellenvijvers de Eemhof te Zeewolde. Hier kunt u mij op de zaterdag vinden. Op zondag geeft Ar Ritmeester les. Kijkt u rustig op de site of kom eens langs. De komende tijd zal ik wat tips, trucs of visverslagen op de deze site zetten. Om te beginnen wil ik u vertellen over de geschiedenis van het vliegvissen. Mocht u vragen e.d. hebben over het vliegvissen laat mij dat dan via de site weten. Ik zal dan kijken wat ik voor u kan betekenen.

Geschiedenis van het vliegvissen
Uit lectuur blijkt dat in de periode van de Romeinen en de vroeg Chinese tijd de eerste mensen aan het vliegvissen waren. Hengels werden gemaakt van hout of bamboe en men gebruikte gevlochten paardenhaar als lijn. U snapt dat ver werpen niet ging en men viste dan ook voornamelijk op korte afstand. De meer modernere technieken komen uit de tijd van de Middeleeuwen, uit Schotland en het noorden van Engeland, waar de techniek werd gebruikt voor het vissen in snel stromende, rotsige rivieren. In de 19e eeuw is de vistechniek in Engeland verder ontwikkeld, mede door opkomst van vliegvisclubs en de publicatie van een aantal boeken over het binden van vliegen en de te hanteren technieken. Vanuit Engeland is de techniek mede door de Engelse Adel verspreid naar onder andere Scandinavië en Amerika. Later heeft zich dit verspreid door Europa. In deze periode kwam ook voor het eerst de lijn van zijde op de markt. Hiermee was je prima in staat om wat verder te werpen, maar ze had één nadeel; zijde neemt water op, waardoor de lijn dus zinkt. Met regelmaat moest de visser zijn lijn dan ook laten drogen.

Het vliegvissen nu
Tegenwoordig kennen we de bamboehengels (splitcane) en de zijde lijn nog steeds, echter tref je vissers die deze materialen gebruiken niet veel meer aan. Tegenwoordig gebruiken we voornamelijk carbonhengels. De huidige hengels zijn licht en flexibel en de vliegvislijn is van glad kunststof met een nylon kern.

Aanschaf
In principe kan iedereen leren vliegvissen. Ik wil u wel adviseren voordat u over gaat tot de aanschaf van een hengel, u eerst ergens les neemt. Bij een hengelsportzaak die specialist is in het vliegvissen kunt u ook in alle rust het materiaal uitproberen, zodat het materiaal volledig aan uw eisen voldoet.

Nog veel strakke lijnen!

© Tekst / Fotografie: Léon Godijk / Redactie deforelvisser.com
Geplaatst op: 11 februari 2011 @ 07:30

Reactie verzenden

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *