Hier weer een leuk verhaat van onze vaste redacteur Joop P.L.van Kasteren

Einde september, aardig weertje, dhr. B. stond uit het raam te kijken. Het hoognodige werk was klaar dus een paar dagen er tussenuit zou erg leuk kunnen zijn. Aan de overkant van de straat was een winkel in hengelsportartikelen daar moest hij nog wel even naar toe voor wat benodigde spulletjes. Voor zich uit starende viel hem plots een ventje op dat voor die hengelwinkel heen en weer stond te “dansen” . Steeds meer aandacht trok dat mannetje. Hij had zo’n ouderwets bamboe hengeltje bij zich waarop een plankje zat gebonden met snoer. Hoe dik was niet te zien, maar zeker weten dat het dik was. Een dobber zag dhr. B. niet.

Een postbode kwam aangelopen en wisselde wat woorden met het manneke. Hij wees naar het plankje. Na wat gebarentaal gingen ze samen de hengelwinkel binnen. Opeens had B. het niet meer. Daar wilde hij meer van weten.

Binnen gekomen zag hij het kereltje heen en weer lopen, wijzen en dingetjes onderzoeken alsof hij in een snoepwinkeltje was. Al die mooie dingen, die mooie kleurtjes. Het was een genoegen het jochie zo te zien.

Het bleek dat de postbode het manneke beloofd had een dobber voor hem te kopen. Hij vond dat hij dat wel kon doen voor z’n buurjongetje. Vooral omdat hij zo graag viste. Dat deed hij bij hem voor het huis in een zijtak van de “graach” . Zo kon hij direct laten zien als hij vis had gevangen.

Dhr. B. was zo aangedaan door het voorval dat hij zich ook niet onbetuigd wilde laten. Hij pakte het ventje bij zijn arm en zei “ kom op nu kijken we ook nog even naar een goed hengeltje voor jou. Eentje die niet zo zwaar is. Voor een prikkie was B. klaar.

De oude hengel wilde de winkelier wel hebben doch daar kwam niets van in want op het plekkie waar hij stond te vissen mocht je eigenlijk niet komen. Als de “wouten” ( politie) dan kwamen namen ze je hengel mee en dat zou zonde zijn van die nieuwe hengel. Het ventje vertelde honderd-uit hoe het daar aan de waterkant toeging. Omdat er veel van die gestreepte vissen gevangen werden kwamen heel veel mensen daar vissen en die namen alle vis mee. Opeens werd hij onrustig. Hij had mamma nog niet verteld dat hij ging vissen. Ze was zo net nog niet thuis van het werk. Nu wilde hij haar helemaal vertellen hoe een mooie verjaardag (zes jr.) hij vandaag had met al die mooie cadeaus. Dat horende liet de winkelier zich ook niet kennen en gaf het jochie een plastic wormendoosje gevuld met wormen. Na de meneren uitbundig te hebben bedankt verdween hij als een speer.

Een half uurtje later liep B. naar de parkeerplaats van zijn auto. Hij kwam voorbij aan de favoriete visplek van “Jantje Beton”. Die zwaaide uitbundig en gaf in gebarentaal aan dat hij al vier visjes had gevangen. Leuk , bedacht B. Dat een paar van die kleine dingen zoveel genoegen konden geven. Opeens realiseerde hij zich dat hij verzuimd had voor zich zelf nog wat kleine aankopen te doen. Ach, bedacht hij zich, eigenlijk heb ik spulletjes genoeg waarmee ik ook heerlijk aan het water kan zitten en vissen. Wellicht ook eens aardig het geluk uit te proberen bij die forelvisvijver bij hem in de buurt. Van horen zeggen was het bij die Berenkuil aangenaam vertoeven.

© Joop P.L.van Kasteren/ Redactie deforelvisser.com