Koortsverschijnselen bij de mens, andere zoogdieren en vogels omvatten een complex van fysieke “antwoorden” om het afweersysteem te helpen een infectie te lijf te gaan. Koorts verhoogt de lichaamstemperatuur met een paar graden, waardoor bijvoorbeelde witte bloedlichaampjes effectiever gaan werken.

Vissen zijn echter koudbloedig en hun lichaamstemperatuur is gelijk aan die van het hen omringende water. Koorts zoals bij zoogdieren en vogels, komt bij vissen niet voor.

Toch staan ook vissen continu blootgesteld aan bacterien en virussen en beschikken vissen over een immuun- en afweersysteem. Zweeds onderzoek met regenboogforellen wijst erop dat vissen na infectie wel “koortsgedrag” kunnen ontwikkelen. Zieke vissen vertonen hierbij een voorkeur voor wat warmer water dan gezonde individuen. Deze voorkeur lag gemiddeld 1,5 C hoger, met verschillen voor individuen tussen 0,2-3,8C.

De gedragkoorts leidt tot een sterk verhoogde aanmaak van interleucine, deze stof activeert op zijn beurt een breed spectrum van immuunreacties. Een lichte verhoging van de watertemperatuur is bijvoorbeeld in de viskweek mogelijk een effectief middel om infecties onder vissen te bestrijden en de overleving te vergroten.

Of zieke vissen in het wild ook “gedragskoorts” gebruiken om infecties te bestrijden -en daarbij delen van het water opzoeken die wat warmer zijn – is niet onderzocht, en volstrekt onbekend volgens de onderzoekers.

Bron: Gräns et.al. (2012). Behavioural fever boosts the imflammatory response in rainbow trout Oncorhynchus mykiss. J. Fish. Biol 81: 1111-1117.